Home

Er wordt tegenwoordig wel gezegd dat je een slet bent als je meteen op je eerste afspraakje met een man naar bed gaat. Deze man beschouwt je dan meteen niet meer als ‘relatiemateriaal’. Deze regel geldt natuurlijk alleen voor vrouwen en is afkomstig uit de puriteinse Verenigde Staten, want de Nederlandse vrouwen uit de Tweede Feministische Golf zouden zich omdraaien in hun graf (als ze daar al in zouden liggen) wanneer ze dit hoorden.

Ikzelf ben altijd naar bed gegaan met mannen op ons eerste afspraakje. Sterker nog; vaak was er niet eens een afspraakje nodig om mij het bed in te krijgen. Ik heb al eerder gezegd dat goede binnenkomers ook niet van belang waren, maar dat er criteria in mijn hoofd bestaan, waarmee ik mannen in een paar seconden selecteer in twee groepen: ‘daar ga ik mee naar bed’, of ‘daar ga ik niet mee naar bed’. (De eerste groep is overigens erg klein.)

Overigens wil het naar bed gaan met mannen niet zeggen dat ik er een langere relatie mee kan of wil krijgen. Soms zie je gewoon niet zo goed wat voor ‘vlees je in de kuip hebt’, heb je te veel gedronken en heb je gewoon zin in seks, of ben je te zeer afgeleid door andere dingen om je eigen criteria te hanteren. Soms is een man gewoon niet goed kenbaar en moet je er eerst een tijdje mee omgaan voordat je ziet dat het nooit iets zou worden tussen jullie.

Maar ik kan me niet voorstellen dat je een relatie begint met iemand, zonder te weten hoe het ‘klikt’ tussen de lakens. Voor je het weet ben je weken bezig met voorspel; elkaar helemaal gek maken met kussen, aanrakingen, blikken en suggestieve mailtjes, en is het een enorme teleurstelling als jullie eenmaal in bed belanden. Krijg je nog dat gedoe van ‘emotioneel gehecht’ zijn en het niet durven uitmaken, en voor je het weet is je leven voorbij!

In de rokerige Plupub was de avond intussen naar een hoogtepunt geklommen. De muziek stond hard, er werd nog harder gepraat en gelachen en er stonden zelfs een paar mensen te dansen. Hoewel ik na een aantal bier meestal ook wel in was voor een dansje, zat ik deze keer achterin, aan de bar, samen met A.. Ik herinner me niks van het gesprek dat we gehad hebben. Het zal wel over toetjes gegaan zijn, want dat was wat we kozen om samen te maken: het toetje.

Heel erg laat was het, toen de laatste mensen de pub uitliepen en A. en mij alleen achterlieten. Blijkbaar had A. degene die zijn bardienst over had genomen ingeseind dat hij de boel wel zou afsluiten. Toen hij opstond om andere muziek op te zetten, pakte hij me ineens van achteren beet, kuste me in mijn nek en stopte zijn handen onder mijn trui. Ik weet nog heel goed dat hij zei: “Een platte buik, dat is lang geleden dat ik die een gevoeld heb.” De rest van die nacht is heel vaag.

Stom, hè, dat je alleen zo’n opmerking onthoudt, en niet alle details van jullie spannende eerste tongzoen, het moment dat je vroeg of hij bij je kwam slapen, het feit dat jullie samen in het eerste ochtendgloren naar jouw huis moeten zijn gelopen met je fiets aan de hand want er zat geen bagagedrager op, en hoe jullie eerste seks was. Ik weet alleen nog dat we op elkaar in slaap zijn gevallen (het was, nogmaals, erg laat).

Ik kan me wel nog goed herinneren dat we de volgende ochtend samen ontbeten en de krant lazen. Ik zie A. nog zo voor me hoe hij om zich heen keek en zei dat mijn kamer ‘vertrouwd’ aanvoelde en dat hij inderdaad op mijn bank zat alsof hij thuis was. Ik weet nog hoe ik van binnen juichte toen hij vroeg ‘of we samen iets zouden gaan doen’ die dag. Wandelen of zo. Dat is een veelbetekenend moment; dat je samen iets gaat doen, die dag na die nacht.

Het wil zeggen dat je het naar je zin hebt gehad, dat je je goed voelt bij de ander. Het wil zeggen dat je nog niet naar huis wil, dat je benieuwd bent naar elkaar. Het wil zeggen dat je denkt dat je het allebei voelt: dit is een bijzondere dag. Deze dag is anders dan alle andere in mijn leven, want dit zal altijd de Dag zijn Dat Ik Jou Ontmoette. Natuurlijk, we kenden elkaar al, maar vandaag ontmoetten wij elkaar. “Hoi, ik ben A.” “Hoi, ik ben M.”

We hebben door de Ooijpolder gelopen die dag. We hebben gezoend, staand tegen versteende bomen langs de rivier. We zijn naar zijn huis gegaan, waar het precies de goede mix was tussen mannelijke rommel en smaakvol ingericht en we hebben samen gedoucht. Volgens mij zijn we toen nog de stad in gegaan om een hapje te eten en zijn we daarna nog een biertje gaan drinken. Maar zeker niet heb ik de hele avond hoeven luisteren naar het etaleren van zijn kennis.

Wordt vervolgd.
(Hoewel dit typisch zo’n moment is dat het verhaal ten einde gekomen kan zijn. ‘En ze leefden nog lang en gelukkig.’ Maar mijn 1000wrds/day Schrijftober Challenge is nog niet afgelopen en bovendien weten we allemaal dat ze helemaal niet nog lang en gelukkig leefden. Zoiets bestaat helemaal niet, weten we toch, en eigenlijk is het jammer dat veel verhalen (sprookjes) op dat moment stoppen, want dan begint het pas.

Misschien leefde ik nog wel lang en gelukkig hierna, maar dan is het interessant om te kijken waarom. Was A. dan toch De Ware? Had ik het eerder met een motormuis aan moeten leggen? Heb ik al die tijd gedacht dat ik op lange magere intellectuelen viel, terwijl een niet zo lange, gespierde motorrijder met een klussenbedrijf veel beter bij mij paste? Was dat een kwestie van verkeerd aangeleerde criteria of slechts van verkeerde interpretatie van op zichzelf juiste criteria?)

Vragen, vragen… Wordt vervolgd, dus.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s