Home

Ik heb er destijds goed over nagedacht, en heb veel redenen gevonden om Jonna naar de ‘zwarte’ wijkschool te sturen. Ten eerste was het voor haarzelf beter, vond ik. Ze was nog zo jong toen ze ging, en we kwamen net uit Frankrijk waar ze met kindjes die ze amper verstond in de klas had moeten zitten. Ik wilde veiligheid, en wat is nou fijner en veiliger dan in je eigen buurtje naar een kleine school?

Voor ons als ouders was het handig: het was lekker dichtbij, dus niet vier keer per dag met de auto door de spits. Ook mijn idealen speelden een rol: in je eigen wijk naar school, betekent dat je meer betrokken raakt bij je omgeving. Ik vond het belangrijk dat Jonna mensen van andere culturen tegen zou komen; ze moest een reëel beeld krijgen van de maatschappij waarin we leven, en niet ergens in een ‘bubble’ gaan zitten.

Jonna zit nu drie jaar op die wijkschool. Zijn al mijn idealen waar gebleken? Tja, als ik eerlijk ben, kan ik wel eens een beetje jaloers luisteren naar verhalen van vriendinnen wier kinderen naar de ‘populaire witte school’ gaan. Bij ons in de buurt is dat een Jenaplanschool, iets verderop. Vijfennegentig procent blanke kinderen, honderd procent ‘ons soort mensen’. Meestal blanke, hoog opgeleide ouders zoals ik en mijn vriendinnen.

De klassen van die kinderen bestaan uit allemaal vriendjes van elkaar, zo lijkt het wel als ik naar de verhalen luister. Dat speelt allemaal om de beurt bij elkaar thuis, en vriendinnen durven hun kind zo mee te geven aan ouders die ze eigenlijk niet eens kennen. Op verjaardagen nodigen ze de hele klas uit. Ik weet zelfs van een geval waarin alle ouders van een kleuterklas met elkaar zijn gaan kamperen!

Zo’n band hebben de ouders op ‘onze’ school duidelijk niet. De kinderen van niet Nederlandse ouders die bij Jonna in de klas zitten, hebben meestal veel broertjes en zusjes waar ze mee spelen. Bovendien zijn de ouders niet gewend hun kind mee te geven aan een ‘vreemde’. Op het schoolplein zoeken de gesluierde moeders elkaar op. Je moet echt moeite doen om daar speelafspraken mee maken.

Maar ik heb zoals gezegd meer moeite met sommige Nederlandse ouders. Daar zou ik Jonna nooit aan durven meegeven, na school. Ten eerste omdat ze van mij niet achterop een scooter mag, maar ook omdat er soms alleen een broertje van acht thuis is om op de kinderen te passen, of omdat het kind in kwestie altijd naar urine ruikt, chronisch hoofdluis heeft, of in de winter op badslippers naar school komt.

Natuurlijk chargeer ik hier. Niet dat bovenstaande voorbeelden verzonnen zijn, maar het merendeel van de ouders past goed op hun kinderen. Toch voel ik me niet thuis bij het merendeel, en dat komt omdat ik na twee zinnen (over het weer!) met ze ben uitgepraat. Omdat Jonna vragende blikken krijgt als ze vertelt wat ze het weekend gedaan heeft. Omdat ze in een andere wereld leven dan ik, lijkt het wel.

Wordt vervolgd.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s