Home

Als ik door mijn fotoalbum blader, zie ik precies hoe ik verander. Eerst een tandeloze mond, dan twee tandjes vooraan. De rest moest nog komen. Vele lange, slapeloze nachten en vieze poepbroeken later staat er een prachtig rijtje kleine tandjes voor in mijn peutermond. Waren die maar blijven staan, denk ik wel eens, dan had ik nergens problemen mee gehad. Hoe zou mijn leven dan verlopen zijn?

Maar nee, de natuur moest er weer voor zorgen dat dat prachtige rechte rijtje minitandjes één voor een uit moest vallen, grote gaten achterlatend in mijn lach. Destijds was ik alleen maar trots op die gaten; die betekenden dat je groot groeide, dat je meer ging meetellen in het leven. Daarom at ik elke ochtend alle door mijn moeder gesmeerde boterhammen op en ’s avonds mijn bord met groente; ik wilde alsmaar volle kracht vooruit!

Ik zie het op de klassenfoto’s van de basisschool veranderen. Ik was een gelukkig kind en ik had het zeer naar mijn zin op school, dus ik lachte breed op alle foto’s. Nooit meer vergeet ik de dag, dat ik voor het eerst niet blij was met de door mij in een grote envelop mee naar huis genomen foto’s; die van dichtbij was verschrikkelijk. Waren mijn voortanden echt zo afschuwelijk groot? Dat ik nog durfde te lachen!

Jaren orthodontie volgden, want ik had niet alleen grote voortanden maar ook nog een zogenaamde ‘overbite’.  Echte hazentanden dus. Eerst kreeg ik een nachtbeugel, toen een combinatie van een vaste ijzerdraad rond mijn voortanden en blokjes op mijn kiezen, toen ook nog blokjes op mijn tanden; je kunt het zo gek niet bedenken of ik heb het in mijn mond gehad.

In deze tijd is het geloof ik wel ‘cool’ om een beugel te hebben. Gelukkig maar. In mijn tijd was het niet echt hip, en vooral kinderen met een ‘buitenboordbeugel’ hadden het moeilijk. Dat model is mij gelukkig altijd bespaard gebleven, en omdat ik mijn plaats in de klas al had bevochten, zei nooit iemand iets over mijn tanden en bleef ik gewoon dezelfde vriendjes en vriendinnetjes houden. Toen nog wel.

 

Maar toen ik eenmaal naar de middelbare school ging, veranderde alles. Stom als ik was, knipte ik ook nog mijn mooie lange haar af. Wist ik veel dat het nu als meisje allemaal om je uiterlijk ging draaien. Op het eerste ‘kennismakingsschoolkamp’ werd ik genegeerd. Alle mooie meisjes met lang haar, perfecte tanden en beginnende borsten sliepen bij elkaar op de ene slaapzaal. Ik sliep op de andere.

Dat eerste jaar was een verschrikking. Ik hield steeds mijn mond dicht bij het lachen. Tja, dat ziet er natuurlijk niet uit. Spontaan was ik nooit echt geweest, maar nu durfde ik niets meer te zeggen zonder er een uur over na te denken. Tegen die tijd was iedere luisteraar verdwenen, natuurlijk. Thuis stond ik uren op mijn kamer voor de spiegel, om te bestuderen hoe ik moest lachen om mijn tanden zo min mogelijk te laten zien.

Toen ik klaar was met beugelen was de ‘overbite’ gelukkig min of meer verdwenen. Ze hebben vier kiezen moeten trekken om dat voor elkaar te krijgen; mijn kaak was veel te klein voor alles wat er in stond. Maar mijn voortanden waren nou eenmaal groter dan gemiddeld en daar bleef ik me op blind staren. Ik ging steeds minder lachen en zat meestal somber op mijn kamertje.

Als de dag van gisteren herinner ik me mijn eerste klassenfeest. Al dagen gonsde het in de klas van de geruchten wie met wie zou gaan dansen op die avond; ‘slowen’ heette dat toen. Ik was speciaal met mijn moeder naar de stad gegaan om nieuwe kleren te kopen. Ik had mijn haren gewassen en had uren besteed aan het kiezen van de juiste broek bij het juiste shirtje. Ik geloof zelfs dat ik een lijntje onder mijn ogen had gedaan.

In de klas was landbouwplastic voor de ramen gedaan en er hing een discobal aan het plafond. “Billy Jean” van Michael Jackson was de meest gedraaide plaat, afgewisseld met “Belle Helène” van Doe Maar. In het begin stonden de meisjes aan de ene kant van de klas te giechelen en de jongens waren druk bezig met de spotjes en de boxen. Na een uur was het populairste stel aan het dansen en nog een uur later danste iedereen, behalve ik. Ik stond in een hoekje.

Er dansten ook meisjes met meisjes, maar zelfs die kwamen me niet vragen. Als ik naar een groepje dansende en kletsende meisjes toeliep, keerden ze hun rug naar me toe of gingen ze op mijn tenen staan. Ze zagen me niet eens! Toen ik na een half uur nog steeds alleen stond, liep ik naar de wc. Ik kon mijn tranen niet meer bedwingen; had ik me hier nou zo op verheugd? In de spiegel op de damestoiletten staarde ik naar mijn voortanden.

Hoe ik het daar vol heb gehouden tot mijn vader me kwam ophalen, weet ik niet eens meer, maar ik weet wel dat het een hele tijd heeft geduurd eer ik weer naar een schoolfeest durfde. Dat was een paar jaar later, toen ik mijn haren weer lang had laten groeien en ik wat vriendinnen had. Ik zat toen ook weer wat beter in mijn vel, al voelde ik me nog steeds niet mooi. Mijn hele middelbareschooltijd heb ik niet met jongens durven dansen.

 

In mijn studententijd wende ik steeds meer aan mijn tanden en leerde ik dat er ook jongens waren die niet alleen naar het uiterlijk van een meisje keken. Er gingen maanden voorbij zonder dat ik me bewust was van mijn uiterlijk. Ik had vriendjes en zat gewoon goed in mijn vel, voelde me zelfs knap, af en toe. Maar meestal gebeurde er dan wel weer wat, waardoor ik voor mijn gevoel weer op mijn plaats werd gezet.

Bijvoorbeeld die keer dat ik achterop de fiets zat bij een vriendin. Het was nacht en we kwamen terug van een avondje stappen. Ik had de hele tijd op de dansvloer gestaan en voelde me fijn. Lachend namen we de avond door, toen een groepje jongens ons inhaalde. Allemaal keken ze naar ons, en vrolijk keek ik terug. De jongen met de grootste mond keek me aan en riep: “Nee, jou hoef ik niet, jij bent te lelijk.” Iedereen lachte hard. Beschaamd keek ik naar de grond.

Die opmerking heeft nog jaren door mijn hoofd gespeeld. Hoe vaak mijn vriendin ook zei dat het gewoon onzin was, dat hij me niet eens goed heeft kunnen zien omdat het donker was, dat hij het gewoon zei om te kwetsen en dat ik me er niets van moest aantrekken, ik kon het niet vergeten. Sterker nog, ik haalde die woorden steeds terug als ik me niet goed voelde, waardoor ik nog onzekerder werd.

Het was een soort vicieuze cirkel waar ik inzat, en die belemmerde me af en toe behoorlijk in mijn functioneren. Ik snapte niet hoe vriendinnen op jongens af durfden te stappen of achter baantjes aan durfden te gaan die ze graag wilden hebben. Ik was onzeker over mijn uiterlijk, nam daarom niet veel initiatief. Ik lette vooral op negatieve dingen die er over me gezegd werden. Als er al iets over me werd gezegd.

Als je me destijds vroeg wat ik het liefst aan mijn uiterlijk wilde veranderen, dan zei ik “Trek die tanden er maar uit!”. Mijn opa zei altijd “Pas op met wat je wenst.” Ik snapte nooit precies wat hij daarmee bedoelde, maar dat is me inmiddels een stuk duidelijker geworden. Misschien had ik dat niet zo vaak moeten roepen, of misschien werden mijn gebeden verhoord, feit is dat ik op een dag een heel steil weggetje met kinderkopjes tegenkwam…

 

In de stad waar ik woonde, heb je een aantal hele steile wegen waar je eigenlijk niet met de fiets af kunt. Ik deed dat vaak juist wel, want ik vond die snelheid heerlijk. Op een avond racete ik weer eens met doodsverachting dat weggetje af, toen ik de macht over het stuur verloor. Ik had zo’n snelheid, dat ik met mijn handen nog aan het stuur met mijn hoofd vooruit van de fiets af vloog. Zo’n beetje als Superman. Ik landde op mijn tanden.

Lippen kapot, tandvlees kapot, voortanden eruit, voor de rest viel het mee. Eigenlijk hebben mijn grote sterke voortanden de klap opgevangen. In het ziekenhuis hebben ze nog geprobeerd ze terug te duwen, maar dat bleef niet lang zitten. Dat werd een brug. Maar eerst moest mijn tandvlees gerepareerd worden en het bot in mijn bovenkaak. Vele maanden, vele uren in de tandartsstoel later, had ik een perfect rijtje tanden. Een tandpasta-smile.

 

Een geluk bij een ongeluk, zou je zeggen. Dat is ergens ook wel zo; mijn hazentanden zijn verdwenen en ik heb er een gelijkmatig gebit voor in de plaats gekregen, wat wil ik nog meer? Ik heb er wel wat voor moeten doen, het heeft echt pijn gedaan en de eerste weken ben ik binnen gebleven omdat mijn hele gezicht gehavend was, maar dat is normaal. Voor de meeste dingen die je graag wil moet je wel wat over hebben.

Maar het is inmiddels aardig wat jaren geleden en ik ben er, zeker in het begin, niet zelfverzekerder op geworden. Ik ben er achter gekomen dat hem dat in hele andere dingen zit, zoals het accepteren en liefhebben van jezelf. Als je dat niet doet, kijk je alleen maar naar de negatieve dingen en hoor je de positieve opmerkingen of complimentjes niet eens. Of je nu hazentanden hebt, of niet.

Dus ik moest iets in mezelf veranderen om me beter te voelen, niet in mijn uiterlijk. Ik leerde rotopmerkingen van me af te laten glijden en te kijken naar de mooie punten van mezelf. Ik leerde dat ik goed ben, zoals ik ben. En, geloof het of niet, laatst zat ik weer eens in mijn fotoalbum te kijken naar dat lachende meisje van vroeger met haar hazentandjes, en ik vond haar prachtig! Jammer dat ik dat toen niet heb gezien. 

Advertenties

4 thoughts on “Kijk uit met wat je wenst.

  1. Wat ontzettend sneu allemaal, en wat herkenbaar. Al die onzekerheden in je puberteit, al die wrede opmerkingen van anderen (vermoedelijk bedoeld om hun eigen onzekerheid te maskéren), het kan je knoeien. Ook ik weet er alles van.

    Wat zou het fijn zijn als je je puberteit met de ervaring van een volwassene kon doorleven, als je die hormoonstrijd met zelfvertrouwen kon voeren omdat je allang weet dat het om de binnenkant gaat, niet om iets waar je helemaal niets aan kunt doen.

    Jij hebt er veel pijn en moeite voor over gehad om een mooi gebit te krijgen en het grote geluk daarvan is dat jij jouw dochter op dit gebied volledig kunt geruststellen en kunt steunen. Zij kan van jou leren hoe je zelfvertrouwen krijgt. Dat is het voordeel van ‘deze generatie kinderen’: zij lijken zelfverzekerder dan wij vroeger, pesten wordt niet getolereerd, dus ze hebben veel betere kansen om zonder al te grote trauma’s door de puberteit heen te groeien. Hopelijk is dat een troost voor je.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s